Verhoren van jongere met LVB, een vak apart

Onnozele aankoop leidde tot melding van terrorisme

Gisteren zat ik naast een cliënt bij het verhoor door de politie. Nieuwsvolgers weten dat in Zaanstad veel te doen is met messen en andere wapenbezit bij de jeugd. Ook deze zaak ging daar over, alleen dan van het meest gevaarlijke niveau. Het verhoor kan een schoolvoorbeeld zijn voor iedereen die met LVB-jongeren werkt.

politiehond ruikt aan speelgoedwapen

Bij de politie kwam een melding binnen: “Persoon met AK47 onder kleding verstopt loopt naar het centrum van Zaandam”.
Een AK47 is een Kalasnikov. Als iemand daarmee naar het centrum van de stad loopt, is dat foute boel. De politie reageerde terecht alsof er een terroristische aanslag kon komen. Auto’s uit Zaandam en Hoorn, een politiehond, helikopter en het arrestatieteam werden actief.

Mijn cliënt (15) had samen met een vriend een speelgoedwapen gekocht. Gewoon een impuls, omdat het zo stoer was. Het ding was 2 euro in de kringloopwinkel. Daar had het nooit moeten liggen, want het leek heel echt (het is het nepwapen op de foto). Maar met de mededeling ‘niemand bedreigen’ kregen ze het mee. Even later zag een voorbijganger hen er op straat mee lopen, maar herkende het niet als speelgoed. Hij belde 112. Het was direct groot alarm. 

Menselijke aanpak leidt tot uitstekend verhoor

Uren later zat ik op het bureau om de cliënt bij te staan tijdens het verhoor. Ik weet hoe moeilijk het voor agenten is om alert te zijn op signalen van een licht verstandelijke beperking. De jongens en meiden weten goed te verbergen dat ze dingen niet begrijpen. Ze zijn streetwise, en verbaal heel sterk. Vaak genoeg worden ze in te moeilijke taal ondervraagd, waarna ze reageren door brutaal of onverschillig te doen. Deze jongen gedraagt zich ook weleens zo, maar hij is tegelijkertijd heel open en ontwapenend. Gelukkig maar. En met de agent die hem verhoorde had hij nog meer geluk. 

Een buitenstaander zou een puber zien die onderuitgezakt in zijn stoel ongeïnteresseerd alle kanten op keek en de leuning van de stoel kapot aan het pulken was. Ik zag een onzekere jongen, waarbij de spanning zijn ADHD versterkte. De draaistoel met een loszittende leuning, maakte het voor hem onmogelijk om níet te gaan draaien en friemelen. De agent bleek een goede observator. “Je bent zenuwachtig he?” Pff. De ergste zenuwen konden meteen weglopen. 

De agent nam alle tijd en deed zijn best om te begrijpen wie er tegenover hem zat. Hij sloot aan bij de leefwereld van de jongen en erkende dat urenlang in een politiecel zitten saai is. Pas daarna ging het verhoor over wat er gebeurd was. Toen de jongen zijn verhaal vertelde bleek hij zich totaal niet bewust was van wat hij had aangericht. Voor mij werd langzaam duidelijk dat dit echt een serieuze zaak was. 

Het verhoor draaide om ‘het ding’ dat ze gekocht hadden. “Kan je dat ding beschrijven?” Cliënt deed zijn best. “Het handvat was groen en dat ding waar je kogels in doet ook en de rest was zwart”. De agent stelde een slimme vervolgvraag om het wat specifieker te krijgen: “Waar leek het op?”. Geweer, mitrailleur, AK47. Ik verwachtte een antwoord in die richting. Achteraf gezien is het logisch dat het voor hem net zoiets was als in games: “Een rifle”. 

Doorgaan tot de boodschap aankomt

Het verhoor kwam in een nieuwe fase, om cliënt uit te leggen waarom het zo dom was wat hij gedaan had. De agent deed dat op een indrukwekkende manier, persoonlijk en kwetsbaar. Hij vertelde over de stress die de melding bij hem zelf had opgeleverd. Raak. Cliënt begreep het. “Agenten kunnen natuurlijk ook weleens bang zijn”. 

De volgende stap was lastiger. De uitleg dat er 40 agenten bij betrokken waren, maakte op mij veel indruk. Voor cliënt was het verwarrend. Dat verhaal klopte niet met wat hij zelf had meegemaakt. Er waren volgens hem veel minder agenten geweest. Hij zat vol vragen. Stonden die agenten dan om de hoek? Liepen ze ook in gewone kleren? Stonden er daarom voor en achter hem agenten? Was er daarom een hond? En het had pijn gedaan. Met de striemen van de handboeien nog op zijn polsen, deed hij na hoe raar ze zijn handen hadden vastgebonden. Terug in het moment raakte hij weer afgeleid. Hij vertelde over de politieauto en dat hij altijd al in zo’n wagen had willen zitten.  

Nieuwe poging. Deze keer kwam bij mij nog meer het besef hoe fout het af had kunnen lopen. Hoeveel geluk we hadden dat het overdag was gebeurt. In het donker zou de politie niet hebben kunnen zien dat het een nepwapen was. En ook nu: als de jongen het wapen niet meteen op de grond had gegooid, hadden ze waarschijnlijk hun pistolen getrokken en zonodig geschoten. We hebben geluk dat alle agenten hun hoofd erbij hielden. 

Het begrenzen van ADHD

Toen cliënt zijn aandacht weer verloor besloot ik ook te proberen de ernst van de situatie uit te leggen. “Wat zou er gebeurd zijn als het verkeerd was afgelopen?” Cliënt dacht aan een tazer, maar dat was het verkeerde antwoord. De agent begon zachtjes op zijn pistool te tikken. Een goede hint, maar het leidde wel af. 
“Is dat een pistool?” Ja. 
“Hoort dat niet op je rug?” Nee. 
“Mag ik het eens zien?” Nee. 
Korte antwoorden, duidelijke begrenzing. En weer terug naar het onderwerp. Op dit moment kreeg ik echt respect voor de deskundigheid van de agent.

Nieuwe poging. Stapje erbij. De agent ging voor de jongen zitten en keek hem recht aan. “Ik had je wel dood kunnen schieten”. Deze boodschap kwam aan. De stilte die erna viel ook. Cliënt vertelde dat hij het in zijn hart voelde. Eventjes. Al snel was hij weer afgeleid en kregen we te horen dat het saai was in de cel, maar dat hij Nasi had gekregen. En dat ze lekkere melk hebben. Eerlijk gezegd werd het best moeilijk om niet te gaan lachen.

Eind goed, les geleerd

De jongen heeft spijt en liet dat duidelijk merken. Het krijgt waarschijnlijk een HALT straf, passend voor de domheid die hij begaan heeft. Hij heeft zijn les geleerd. Deze in ieder geval.

En ik? 
Ik denk terug aan de voorlichting die we met GGZ- en met LVB-ervaringsdeskundigen gaven aan politie, omdat lang niet alle agenten zo sensitief zijn. Ik denk aan de vele berichten van fouten die de politie maakt. Aan de vreselijke voorvallen waarbij een verward persoon door de politie wordt doodgeschoten. En ik besef hoe anders deze dag af had kunnen lopen. 

Ode aan de politie Zaanstreek. En vooral aan de agent die dit verhoor deed. Wat een goede manier van contact maken, wat een respectvolle benadering, wat een duidelijke begrenzing. Menig hulpverlener en docent van dit soort jongens zou er een voorbeeld aan kunnen nemen. 

Beste agent, dankjewel. 

Trudy Jansen


De Veerkracht Centrale gelooft in de kracht van eigen ervaring
en op het inzetten daarvan in je dagelijks werk.
Leren in de praktijk, leren van je leven.
En vooral: vertrouw op je veerkracht