Meteen naar de inhoud

Ik heb liever een psychiater dan een ervaringsdeskundige

Toen ik tegenover mijn psychiater zat, besefte ik dat ik zelf nooit begeleiding van een ervaringsdeskundige zou willen. De herstelvisie waarmee zij werken, is niet geschikt voor mij.
Doe mij maar een degelijke medische behandeling. 

Toen ik tegenover mijn psychiater zat, besefte ik dat ik zelf nooit begeleiding van een ervaringsdeskundige zou willen. De herstelvisie waarmee zij werken, is niet geschikt voor mij. Doe mij maar een degelijke medische behandeling. 

Ervaringsdeskundigen werken vanuit de herstelvisie

De ‘Beroepsopleidingen tot ervaringsdeskundige’ leren hun studenten denken vanuit de herstelvisie. Dat is een visie waar ik helemaal achter sta. Hij heeft zijn nut meer dan bewezen in de zorg voor mensen met Ernstig Psychiatrische Aandoeningen (EPA). Momenteel is er echter een trend gaande om de hele GGZ en zelfs het sociale domein vanuit de herstelbenadering te bekijken. Daar moeten we mee oppassen. Herstel en behandeling zijn twee sporen, die beiden belangrijk zijn. 

Ervaringswerkers (ervaringsdeskundigen in het primaire proces in de GGZ) doen goed werk in de GGZ-klinieken en bij mensen met EPA. Hun kracht is dat ze vanuit eigen ervaring en ervaringskennis kunnen aansluiten bij anderen. Ze werken vanuit de herstelvisie en helpen mensen om weer grip te krijgen op het leven. Tot zover allemaal mooie ontwikkelingen. Maar zelf loop ik al 15 jaar in de specialistische GGZ. Op een korte opname na: alleen ambulant. De herstelbenadering lijkt mij daar niet zinvol. En ervaringswerkers evenmin. Ik praat liever met mijn psychiater. 

Herstel en medische behandeling zijn twee sporen in de GGZ. Beide zijn belangrijk

Lotgenotencontact

Het valt me op dat veel GGZ-ervaringsdeskundigen weerstand tonen als ik vertel dat ik blij ben met mijn psychiater, SPV-er en medicatie. Vaak hebben ze zelf slechte ervaringen met ‘de GGZ’ en kregen pas door het herstelgericht werken hun leven weer op de rit. Herstel is voor hen de Haarlemmer smeerolie die alle problemen in de GGZ op gaat lossen, en ervaringsdeskundigen de enigen die het mogen smeren. Dat klinkt door in het enthousiasme waarin zij deze stroming promoten. 

De mensen die ik tegenkom in behandel- en lotgenotengroepen, hebben een ander soort ervaringsdeskundigheid. Over het algemeen hebben we in zo’n groep allemaal werk of een studie. Net als ik, hebben de meeste geen gebrek aan activiteiten of contacten. We volgen psycho-educatie om onszelf te begrijpen en gelijkwaardig mee te kunnen praten in de behandeling. We leren onze gedachten bijsturen en ons gedrag aanpassen aan onze stemming. Goede gesprekken met deze lotgenoten zijn fijn, ook al hebben die daarvoor niet eerst een ‘Opleiding tot ervaringsdeskundige’ voor gedaan. Sowieso bespreek ik mijn echte problemen liever met mijn vriend en vrienden, want die kennen met het beste. 

Leren leven met

Mijn behandelaars hebben me er van overtuigd dat ik  mezelf serieus moet nemen. Ik heb van hen geleerd te leven met bipolariteit en ADHD. Of, als je een hekel hebt aan diagnoses: met wisselende stemmingen, snel veranderende emoties en dagelijks grote en kleine ‘Oops’-momenten. Je zou kunnen zeggen dat ik nog steeds in een herstelproces zit. Of, de term die mij meer aanspreekt, ik ben nog aan het revalideren. 

Toen mijn psychiater me net vroeg hoe het gaat, had ik geen antwoord. Het gaat goed en slecht tegelijk. Hyperactief gefocust, maar ook chaotisch en depri. Ik noemde wat voorbeelden en die werden voor me gestructureerd. Fijn, daar vertrouw ik hem in. Daarna besloten we in goed overleg om mijn medicatie aan te passen. Heerlijk om met iemand te praten die vanuit zijn specifieke kennis met me meedenkt. 

Mijn psychiater is hij de enige die de rare kronkels in mijn hersenen lijkt te begrijpen. Misschien kent hij me wel het beste van iedereen. 

Nawoord : Dit artikel gaat alleen over specifieke behandelsettings in de ambulante sggz, voor andere delen van de GGZ vind ik dat de inzet van ED juist groter moet worden.
De setting blijkt moeilijk te beschrijven, waardoor de discussie lastig wordt. Als iemand tips heeft voor de afbakening, hoor ik dat graag.

Geef een antwoord